Cijfers & tarieven
Cijfers en tarieven vennootschap
BEROEPSKOSTEN: WETTELIJK FORFAIT VOOR BEDRIJFSLEIDERS EN MEEWERKENDE ECHTGENOTEN
Overzicht
(art. 51, tweede lid, 2° en 3° WIB):
|
Inkomstenschijf
|
Percentage
|
Bedrag
|
||
|
Inkomstenjaar 2024 – aanslagjaar 2025
|
||||
|
Bedrijfsleiders
|
||||
|
€ 0,00
|
tot
|
€ 100.999,83
|
3%
|
€ 3.030,00
|
|
€ 100.999,84
|
en meer
|
0%
|
€ 0,00
|
|
|
Meewerkende echtgenoten
|
||||
|
€ 0,00
|
tot
|
€ 100.999,89
|
5%
|
€ 5.050,00
|
|
€ 100.999,90
|
en meer
|
0%
|
€ 0,00
|
|
|
Inkomstenschijf
|
Percentage
|
Bedrag
|
||
|
Inkomstenjaar 2023 – aanslagjaar 2024
|
||||
|
Bedrijfsleiders
|
||||
|
€ 0,00
|
tot
|
€ 96.999,83
|
3%
|
€ 2.910,00
|
|
€ 96.999,84
|
en meer
|
0%
|
€ 0,00
|
|
|
Meewerkende echtgenoten
|
||||
|
€ 0,00
|
tot
|
€ 96.999,89
|
5%
|
€ 4.850,00
|
|
€ 96.999,90
|
en meer
|
0%
|
€ 0,00
|
|
|
Inkomstenschijf
|
Percentage
|
Bedrag
|
||
|
Inkomstenjaar 2022 – aanslagjaar 2023
|
||||
|
Bedrijfsleiders
|
||||
|
€ 0,00
|
tot
|
€ 88.666,49
|
3%
|
€ 2.660,00
|
|
€ 88.666,50
|
en meer
|
0%
|
€ 0,00
|
|
|
Meewerkende echtgenoten
|
||||
|
€ 0,00
|
tot
|
€ 86.599,89
|
5%
|
€ 4.430,00
|
|
€ 86.599,90
|
en meer
|
0%
|
€ 0,00
|
|
|
Inkomstenschijf
|
Percentage
|
Bedrag
|
||
|
Inkomstenjaar 2021 – aanslagjaar 2022
|
||||
|
Bedrijfsleiders
|
||||
|
€ 0,00
|
tot
|
€ 86.333,16
|
3%
|
€ 2.590,00
|
|
€ 86.333,17
|
en meer
|
0%
|
€ 0,00
|
|
|
Meewerkende echtgenoten
|
||||
|
€ 0,00
|
tot
|
€ 86.399,89
|
5%
|
€ 4.320,00
|
|
€ 86.399,90
|
en meer
|
0%
|
€ 0,00
|
|
BEROEPSKOSTEN: WETTELIJKE FORFAIT VOOR WERKNEMERS, ZELFSTANDIGEN MET WINSTEN EN VRIJE BEROEPERS
Overzicht
(art. 51, 1° en 4° WIB)
Inkomstenjaar 2024 – aanslagjaar 2025
|
Werknemers en zelfstandigen met winsten
|
|||||
|
Inkomstenschijf
|
Percentage
|
Bedrag
|
Cumulatief
|
||
|
€ 0,00
|
tot
|
€ 19.166,64
|
30,00%
|
€ 5.750,00
|
€ 5.750
|
|
€ 19.166,65
|
en meer
|
0,00%
|
€ 0,00
|
€ 5.750
|
|
|
Vrije beroepers
|
|||||
|
Inkomstenschijf
|
Percentage
|
Bedrag
|
Cumulatief
|
||
|
€ 0,00
|
tot
|
€ 7.310,00
|
28,70%
|
€ 2.097,79
|
€ 2.097,79
|
|
€ 7.310,00
|
tot
|
€ 14.520,00
|
10,00%
|
€ 721,18
|
€ 2.818,97
|
|
€ 14.520,00
|
tot
|
€ 24.160,00
|
5,00%
|
€ 482,00
|
€ 3.300,97
|
|
€ 24.160,00
|
tot
|
€ 82.460,83
|
3,00%
|
€ 1.749,03
|
€ 5.050,00
|
|
€ 82.460,84
|
en meer
|
0,00%
|
€ 0,00
|
€ 5.050,00
|
|
Inkomstenjaar 2023 – aanslagjaar 2024
|
Werknemers en zelfstandigen met winsten
|
|||||
|
Inkomstenschijf
|
Percentage
|
Bedrag
|
Cumulatief
|
||
|
€ 0,00
|
tot
|
€ 18.399,98
|
30,00%
|
€ 5.520,00
|
€ 5.520
|
|
€ 18.399,99
|
en meer
|
0,00%
|
€ 0,00
|
€ 5.520
|
|
|
Vrije beroepers
|
|||||
|
Inkomstenschijf
|
Percentage
|
Bedrag
|
Cumulatief
|
||
|
€ 0,00
|
tot
|
€ 7.020,00
|
28,70%
|
€ 2.014,74
|
€ 2.014,74
|
|
€ 7.020,00
|
tot
|
€ 13.950,00
|
10,00%
|
€ 693,00
|
€ 2.707,74
|
|
€ 13.950,00
|
tot
|
€ 23.220,00
|
5,00%
|
€ 463,50
|
€ 3.171,24
|
|
€ 23.220,00
|
tot
|
€ 79.178,49
|
3,00%
|
€ 1.678,75
|
€ 4.850,00
|
|
€ 79.178,50
|
en meer
|
0,00%
|
€ 0,00
|
€ 4.850,00
|
|
Inkomstenjaar 2022 – aanslagjaar 2023
|
Werknemers en zelfstandigen met winsten
|
|||||
|
Inkomstenschijf
|
Percentage
|
Bedrag
|
Cumulatief
|
||
|
€ 0,00
|
tot
|
€ 16.799,98
|
30,00%
|
€ 5.040,00
|
€ 5.040
|
|
€ 16.799,99
|
en meer
|
0,00%
|
€ 0,00
|
€ 5.040
|
|
|
Vrije beroepers
|
|||||
|
Inkomstenschijf
|
Percentage
|
Bedrag
|
Cumulatief
|
||
|
€ 0,00
|
tot
|
€ 6.410,00
|
28,70%
|
€ 1.839,67
|
€ 1.839,67
|
|
€ 6.410,00
|
tot
|
€ 12.730,00
|
10,00%
|
€ 632,00
|
€ 2.471,67
|
|
€ 12.730,00
|
tot
|
€ 21.190,00
|
5,00%
|
€ 423,00
|
€ 2.894,67
|
|
€ 21.190,00
|
tot
|
€ 72.367,49
|
3,00%
|
€ 1.535,32
|
€ 4.430,00
|
|
€ 72.367,50
|
en meer
|
0,00%
|
€ 0,00
|
€ 4.430,00
|
|
Inkomstenjaar 2021 – aanslagjaar 2022
|
Werknemers en zelfstandigen met winsten
|
|||||
|
Inkomstenschijf
|
Percentage
|
Bedrag
|
Cumulatief
|
||
|
€ 0,00
|
tot
|
€ 16.399,98
|
30,00%
|
€ 4.920,00
|
€ 4.920,00
|
|
€ 16.399,99
|
en meer
|
0,00%
|
€ 0,00
|
€ 4.920,00
|
|
|
Vrije beroepers
|
|||||
|
Inkomstenschijf
|
Percentage
|
Bedrag
|
Cumulatief
|
||
|
€ 0,00
|
tot
|
€ 6.250,00
|
28,70%
|
€ 1.793,75
|
€ 1.793,75
|
|
€ 6.250,00
|
tot
|
€ 12.430,00
|
10,00%
|
€ 618,00
|
€ 2.411,75
|
|
€ 12.430,00
|
tot
|
€ 20.680,00
|
5,00%
|
€ 412,50
|
€ 2.824,25
|
|
€ 20.680,00
|
tot
|
€ 70.538,16
|
3,00%
|
€ 1.495,75
|
€ 4.320,00
|
|
€ 70.538,17
|
en meer
|
0,00%
|
€ 0,00
|
€ 4.320,00
|
|
BTW FACTURERING IN DE BOUW: NATUURLIJKE PERSONEN
Combinatie verlaagd tarief en btw verlegd
Voor de facturatie van werken in onroerende staat zijn in hoofdzaak twee verschillende regels van belang, met name diegene inzake:
- de toepassing van het verlaagde tarief van 6% btw; en
- de verlegging van de heffing naar de medecontractant.
Beide regels sluiten elkaar evenwel niet uit, integendeel. Zij kunnen perfect samengaan in die zin dat ook in het geval van btw verlegd het verlaagde tarief van 6% mogelijk kan zijn. Het is dan de medecontractant zelf die het verlaagde tarief in zijn aangifte zal moeten toepassen.
De onderstaande tabel geeft een overzicht van de verschillende situaties die zich kunnen voordoen als de klant een natuurlijke persoon is.
Overzicht voor klanten-natuurlijke personen
|
Aan welk deel worden de werken uitgevoerd?
|
De klant is een natuurlijke persoon die wel btw-plichtig is (bv. kleinhandel)
|
De klant is een natuurlijke persoon die niet btw-plichtig is (bv. dokter)
|
||||||
|
Het gebouw is voor meer dan 50% privé
|
Het gebouw is voor 50% of minder privé
|
Het gebouw is voor meer dan 50% privé
|
Het gebouw is voor 50% of minder privé
|
|||||
|
6% btw mogelijk?
|
btw verlegd?
|
6% btw mogelijk?
|
btw verlegd?
|
6% btw mogelijk?
|
btw verlegd?
|
6% btw mogelijk?
|
btw verlegd?
|
|
|
Aan het privégedeelte alleen
|
Ja
|
Neen
|
Ja
|
Neen
|
Ja
|
Neen
|
Ja
|
Neen
|
|
Aan het beroeps-gedeelte alleen
|
Neen
|
Ja
|
Neen
|
Ja
|
Neen
|
Neen
|
Neen
|
Neen
|
|
Aan heel het gebouw
|
Ja
(op de volledige factuur)
|
Ja (1)
|
Ja (2)
|
Ja
|
Ja
(op de volledige factuur)
|
Neen
|
Ja (2)
|
Neen
|
(1) De volledige factuur moet verlegd worden naar de medecontractant. Deze kan wel alleen de btw m.b.t. het beroepsgedeelte in aftrek brengen.
(2) Wel alleen op het privégedeelte. De factuur zal in dit geval opgesplitst moeten worden.
BTW FACTURERING IN DE BOUW: VENNOOTSCHAPPEN
Combinatie verlaagd tarief en btw verlegd
Voor de facturatie van werken in onroerende staat zijn in hoofdzaak twee verschillende regels van belang, met name diegene inzake:
- de toepassing van het verlaagde tarief van 6% btw; en
- de verlegging van de heffing naar de medecontractant (btw verlegd).
Beide regels sluiten elkaar evenwel niet uit, integendeel. Zij kunnen perfect samengaan in die zin dat ook in het geval van btw verlegd het verlaagde tarief van 6% mogelijk kan zijn. Het is dan de medecontractant zelf die het verlaagde tarief in zijn aangifte zal moeten toepassen.
De onderstaande tabel geeft een overzicht van de verschillende situaties die zich kunnen voordoen als de klant een vennootschap is.
Overzicht voor klanten-vennootschappen
|
Aan welk deel worden de werken uitgevoerd?
|
De klant is een btw-plichtige vennootschap (bv. van een kleinhandelaar)
|
De klant is een niet-btw-plichtige vennootschap (bv. van een dokter)
|
||||||
|
Het gebouw is voor
meer dan 50% privé
|
Het gebouw is voor
50% of minder privé
|
Het gebouw is voor
meer dan 50% privé
|
Het gebouw is voor
50% of minder privé
|
|||||
|
6% btw
mogelijk?
|
btw verlegd?
|
6% btw
mogelijk?
|
btw verlegd?
|
6% btw
mogelijk?
|
btw verlegd?
|
6% btw
mogelijk?
|
btw verlegd?
|
|
|
Aan het privégedeelte alleen
|
Ja
(niet aftrekbaar)
|
Ja
|
Ja
(niet aftrekbaar)
|
Ja
|
Ja
|
Neen
|
Ja
|
Neen
|
|
Aan het beroepsgedeelte alleen
|
Neen
|
Ja
|
Neen
|
Ja
|
Neen
|
Neen
|
Neen
|
Neen
|
|
Aan heel het
gebouw
|
Ja
(alleen het beroepsdeel is aftrekbaar)
|
Ja
|
Ja (1)
|
Ja
|
Ja
(op de volledige factuur)
|
Neen
|
Ja (1)
|
Neen
|
(1) Wel alleen op het privégedeelte. De factuur zal in dit geval opgesplitst moeten worden.
FISCALE LICHTE VRACHT: VOORWAARDEN
Enkel een lichte vracht die aan bepaalde voorwaarden voldoet, kan de diverse voordelen van een ‘fiscale’ lichte vracht genieten. Het gaat dan meer bepaald om voordelen op het vlak van de inkomstenbelastingen, de btw, de verkeersbelasting en de BIV. Is er aan die voorwaarden niet voldaan, dan zal de lichte vracht in kwestie fiscaal gezien als een gewone auto beschouwd worden. Hieronder volgt een overzicht van de verschillende voorwaarden.
Lichte vracht met open laadbak (type pick-up)
Enkele cabine:
- MTM van maximaal 3.500 kg;
- cabine moet volledig van de laadruimte afgesloten zijn;
- maximaal 2 plaatsen in de cabine, excl. bestuurder;
- laadbak moet ‘open’ zijn, maar dat belet niet dat die met een dekzeil of deksel afgesloten mag worden.
Dubbele cabine:
- MTM van maximaal 3.500 kg;
- cabine moet volledig van de laadruimte afgesloten zijn;
- maximaal 6 plaatsen in de cabine, excl. bestuurder;
- laadbak moet ‘open’ zijn, maar dat belet niet dat die met een dekzeil of deksel afgesloten mag worden.
Lichte vracht met gesloten laadruimte
Enkele cabine:
- MTM van maximaal 3.500 kg;
- maximaal 2 plaatsen in de cabine, excl. bestuurder;
- laadruimte moet afgesloten zijn van de passagiersruimte (cabine) met een scheidingswand of evt. door de rugleuning van de zetels;
- laadruimte moet, gemeten in de langsrichting tussen elk punt van de scheidingswand en de binnenkant van de achterzijde van de laadruimte, minstens 50% van de lengte van de wielbasis zijn;
- laadvloer moet over de hele oppervlakte deel uitmaken van het chassis of er op vaste en duurzame wijze aan bevestigd zijn (bv. op gelast of aan bevestigd met bouten met afbrekende kop);
- er mogen in de laadvloer geen verankeringspunten aanwezig zijn voor bijkomende banken, zetels of veiligheidsgordels.
Dubbele cabine:
- MTM van maximaal 3.500 kg;
- maximaal 6 plaatsen in de cabine, excl. bestuurder;
- laadruimte moet volledig afgesloten zijn van de passagiersruimte (cabine) met een niet-wegneembare en ononderbroken scheidingswand over de volledige breedte en hoogte van de binnenruimte én uit een hard materiaal (dus een net, een hekwerk of de rugleuning van de zetels zijn hier onvoldoende);
- laadruimte moet, gemeten in de langsrichting tussen elk punt van de scheidingswand en de binnenkant van de achterzijde van de laadruimte, minstens 50% van de lengte van de wielbasis zijn;
- laadvloer moet over de hele oppervlakte deel uitmaken van het chassis of er op vaste en duurzame wijze aan bevestigd zijn (bv. op gelast of aan bevestigd met bouten met afbrekende kop);
- er mogen in de laadvloer geen verankeringspunten aanwezig zijn voor bijkomende banken, zetels of veiligheidsgordels.
(1) Sinds 01.01.2023 vallen pick-ups enkel nog onder de categorie lichte vracht in de volgende gevallen:
• pick-ups ingeschreven door particulieren vóór 01.01.2023;
• pick-ups besteld door particulieren vóór 01.01.2023 mits voldaan aan verschillende voorwaarden (zie voor meer info: https://www.vlaanderen.be/vlaamse-belastingdienst/nieuwsberichten/fiscaal-gunstregime-voor-pick-ups-afgeschaft-vanaf-1-januari-2023#q-22ff7da4-8114-48c2-baf7-a162e5f99a93);
• pick-ups verbonden aan een ondernemingsnummer blijven onder de categorie lichte vracht vallen.
Bron: art. 1.1.0.0.2. VCF (Vlaanderen); art. 4, §2 WIGB (Brussel en Wallonië)
VENNOOTSCHAPSBELASTING: TARIEVEN
Bron: art. 215 en 463 bis WIB
Algemene tarieven
Gewoon tarief
25%
Verlaagd tarief
Eerste schijf van € 100.000: 20%
Vanaf € 100.000: 25%
Voorwaarden verlaagd tarief:
- De vennootschap moet klein zijn in de zin van artikel 1:24 WVV.
- De vennootschap mag geen financiële vennootschap zijn.
- De aandelen van de vennootschap moeten voor meer dan de helft in het bezit zijn van natuurlijke (fysieke) personen.
- De vennootschap moet aan ten minste één bedrijfsleider (zaakvoerder/bestuurder-natuurlijke persoon) een minimale bezoldiging van € 45.000 uitkeren en ten laste leggen van het resultaat(1)(2).
(1) Als het belastbaar inkomen van de vennootschap lager is dan € 45.000, dan moet de bezoldiging minstens gelijk zijn aan dat belastbaar inkomen om het verlaagde tarief te genieten.(2) Voor startende kmo-vennootschappen moet deze voorwaarde gedurende de eerste vier belastbare tijdperken vanaf de oprichting niet voldaan zijn.
Specifieke tarieven
|
Omschrijving
|
Percentage
|
|
Bijzondere aanslag voor niet-verantwoorde uitgaven en VAA (art. 219 WIB)
|
100% of 50%
|
|
Liquidatiereserve (art. 219quater WIB)
|
10%
|
|
Bedragen belast bij een fusie, een splitsing of een gelijkgestelde verrichting of bij de erkenning door de FSMA (exitheffing) (art. 217, lid 1, 1° WIB)
|
15%
|
VOORDELEN VAN ALLE AARD: AUTO, MOBILITEITSVERGOEDING EN MOBILITEITSBUDGET
Algemeen
Wie privé rijdt met een auto van de werkgever (voor werknemers) en/of van zijn vennootschap (bedrijfsleiders) wordt belast op een zogenaamd voordeel van alle aard. Onlangs werden er twee alternatieven ingevoerd voor de auto, namelijk het mobiliteitsbudget en de mobiliteitsvergoeding. Deze twee alternatieven zijn wel enkel mogelijk voor werknemers, bedrijfsleiders kunnen hier geen gebruik van maken.
Auto
Fiscaal voordeel in hoofde van de werknemer/bedrijfsleider
Het belastbaar voordeel is gelijk aan 6/7 van de cataloguswaarde van de auto x een CO2-percentage x een leeftijdspercentage, met een minimum van € 1.540 (aj. 2024) of € 1.600 (aj. 2025).
De cataloguswaarde wordt verminderd met 6% per jaar dat verstreken is vanaf de datum van de eerste inschrijving van het voertuig bij de DIV (Dienst voor de Inschrijving van de Voertuigen), met een maximale vermindering van 30% (de maximale vermindering wordt dus bereikt wanneer de auto vijf jaar ingeschreven is).
Het CO2-basispercentage bedraagt 5,5% en komt overeen met een CO2-uitstoot van:
|
Diesel
|
Benzine
|
||
|
aanslagjaar
|
g/km
|
aanslagjaar
|
g/km
|
|
2018
|
87
|
2018
|
105
|
|
2019
|
86
|
2019
|
105
|
|
2020
|
88
|
2020
|
107
|
|
2021
|
91
|
2021
|
111
|
|
2022
|
84
|
2022
|
102
|
|
2023
|
75
|
2023
|
91
|
|
2024
|
67
|
2024
|
82
|
|
2025
|
2025
|
||
Dit basispercentage wordt verhoogd/verlaagd met 0,1% per gram CO2 meer/minder dan de bovenstaande referentie-CO2-uitstoot, zonder dat dit percentage ooit hoger kan zijn dan 18% of lager dan 4%.
Wordt er geen CO2-uitstoot vermeldt, dan bedraagt deze 205 g/km voor auto’s met een benzine-, lpg- of aardgasmotor en 195 g/km voor dieselauto’s.
Opgelet: voor fake hybrides die na 1 januari 2018 werden aangekocht/geleased moet men de CO2-waarde van een ‘overeenstemmend’ voertuig in aanmerking nemen.
Voorbeeld
Dieselauto met CO2-uitstoot van 158 g/km, nieuw gekocht in 2019 voor € 35.000, eerste inschrijving op 1 april 2019.
VAA voor inkomstenjaar 2023: € 3.393,60
Periode 1 januari 2023 tot 31 maart 2023: € 885,60 = 6/7 x 35.000 x 82% x [5,5% + [(158 – 67) x 0,1%]] x 90/365
Periode 1 april 2023 tot 31 december 2023: € 2.508,00 = 6/7 x 35.000 x 76% x [5,5% + [(158 – 67) x 0,1%]] x 275/365
Verworpen uitgave voor vennootschappen
Wanneer de auto ter beschikking gesteld wordt door een vennootschap, dan moet die vennootschap 17% (40% indien de werkgever de brandstofkosten van het persoonlijk gebruik geheel of gedeeltelijk betaalt) van de waarde van het voordeel aangeven als verworpen uitgave. Deze verworpen uitgave is de minimale belastbare basis voor de vennootschap, ongeacht eventuele aftrekposten (notionele interestaftrek, overgedragen verliezen, …).
Mobiliteitsbudget
Omvang van het voordeel
Het bedrag van het mobiliteitsbudget komt overeen met de jaarlijkse bruto kosten (voor de werkgever) van de ingeleverde bedrijfswagen, met inbegrip van de fiscale en parafiscale lasten en de daarmee gerelateerde kosten (bv. financieringskosten, brandstofkosten en de solidariteitsbijdrage). De eventuele eigen bijdrage van de werknemer wordt in mindering gebracht.
Sinds 01.01.2022 bedraagt het jaarlijkse bedrag echter minimaal € 3.000 en maximaal 1/5 van het totale jaarlijkse brutoloon, met een absoluut maximum van € 16.000. Via een Koninklijk Besluit van 10.09.2023 (met inwerkingtreding 01.01.2024) zijn de concrete formules voor de berekening van het budget uitgewerkt.
Is de bedrijfswagen eigendom van de werkgever, dan worden de financieringskosten vervangen door een jaarlijkse afschrijving van 20%.
Fiscale gevolgen
De fiscale behandeling van het mobiliteitsbudget verschilt naargelang de bestedingsvorm.
|
Bestedingsvorm
|
Werknemer
|
Werkgever
|
|
Milieuvriendelijke wagen
|
Conform gewone bedrijfswagen
|
Conform gewone bedrijfswagen
|
|
Duurzame vervoermiddelen
|
Vrijgesteld
|
Volledig aftrekbaar als beroepskost
|
|
Geen sociale bijdragen verschuldigd
|
||
|
Uitbetaling in geld
|
Vrijgesteld
|
Volledig aftrekbaar als beroepskost
|
|
Sociale bijdragen verschuldigd
|